Vochtbalans belangrijk voor overleving hemodialysepatiënten

Gepubliceerd op 17 september 2020

Het meten van de hoeveelheid vocht in het lichaam van een nierpatiënt die wekelijks moet dialyseren, blijkt belangrijker dan tot nu toe werd aangenomen. Te veel of juist te weinig vocht in het lichaam zorgt bij deze patiënten voor een grotere kans op overlijden. Dat blijkt uit promotieonderzoek van Marijke Dekker, uitgevoerd in het Catharina Ziekenhuis en het Maastricht Universitair Medisch Centrum. Dekker promoveert vandaag op dit onderwerp aan de Universiteit van Maastricht.

Dekker komt tot haar conclusie na een grootschalig dataonderzoek waarin patiëntgegevens werden verzameld van grote groepen hemodialysepatiënten over de hele wereld. Zij toont aan dat het belangrijk is om regelmatig de vloeistofhuishouding bij hemodialyse patiënten te meten. Hierdoor kan het team van nefrologen, hemodialyseverpleegkundigen en diëtisten de therapie beter afstemmen op de behoeftes van de patiënt, zoals het voorkomen van ondervoeding, het meten van ontsteking en het nastreven van de beste bloeddruk voor iedere individuele patiënt.

Dekker en haar begeleiders zijn naar aanleiding van dit onderzoek betrokken bij het opstellen van een internationaal advies voor de meest optimale behandeling voor bloeddruk en vochthuishouding bij hemodialysepatiënten. Deze vernieuwde werkwijze is inmiddels standaard-zorg in het Catharina Ziekenhuis/Elkerliek ziekenhuis en het Maastricht UMC+.