Wel of geen griepprik?

November 2015

In het najaar valt aan sommige dingen moeilijk te ontkomen. Zo vallen de bladeren van de bomen, duiken er overal griezelige spinnen op én vat u wellicht een keer een stevige kou.

Tegenwoordig, met die medicijnen die mijn immuunsysteem onderdrukken, word ik bij het minste gekuch van mensen om me heen al verkouden en beland ik in bed (magie, of in dit geval wetenschap, heeft zo zijn prijs). Dus als ik een afspraak heb met een vriend die verkouden blijkt te zijn geworden, vraag ik netjes doch dringend of hij voordat ik kom, zijn huis even helemaal wil doorluchten. Natuurlijk wil hij dan, zo verkouden als hij is, graag de ramen wagenwijd openzetten met deze kou. Ver in de herfst. NOT! Misschien ben ik op dit punt iets te obsessief af en toe...

En dan heb ik het nog niet eens over echte griep. Met het dalen van de temperaturen dreigt deze grote boosdoener er weer aan te komen. Daar kan geen handenwassen tegenop.

De jaarlijkse griepprik kan uitkomst bieden. Voor de meeste mensen is griep een onschuldige ziekte, maar voor nierpatiënten kan griep soms gevaarlijk zijn. U en ik zitten dus in een risicogroep en daarom komt er jaarlijks vanzelf een oproep van de (huis)artsenpost voor het halen van de giepprik. Of u er gebruik van maakt, kunt u zelf beslissen.

Met de griepprik krijt u een heel klein beetje van het griepvirus in uw lichaam. Uw lichaam reageert op het griepvaccin door afweerstoffen te maken tegen het griepvirus. Wel gaan er ongeveer twee weken overheen, voordat voldoende antistoffen zijn aangemaakt. Daarna wordt de kans op griep kleiner. En mocht u toch griep krijgen, dan loopt u minder risico daar ernstig ziek van te worden. Bovendien is er een verlaagde kans op bijkomende complicaties.

Het griepvirus verandert steeds en daarom is er elk jaar een ander soort griepvaccin. Het is dus verstandig elk jaar een nieuwe griepprik te halen.

Toch vraag ik mij wel eens af wat ik daadwerkelijk aan zo’n prik heb. Bij veel nierpatiënten is het immuunsysteem immers enigszins in de war en bij iemand die een transplantatie achter de rug heeft, wordt het afweersysteem zelfs onderdrukt. Daarnaast duurt het nog zo’n twee weken voor de griepprik echt zou kunnen helpen. En dat, terwijl de meeste mensen zich de eerste dagen na de prik niet zo lekker voelen en daardoor kwetsbaar zijn.

Ikzelf krijg er meestal een stijve arm van. Die stijfheid probeer ik te verhelpen door constant heen en weer te zwaaien met mijn arm, wat er belachelijk moet uitzien. Maar ach ja, dan hebben de buren ook iets om over te lachen. Wat eigenlijk mijn punt is: je zou maar net griep krijgen in die twee weken dat je nog onvoldoende antistoffen hebt.

Of de griepprik mij inderdaad goed tegen de griep beschermt, vind ik dus lastig te zeggen: maar alle beetjes helpen. Ik loop liever geen onnodige risico’s. Daar kunt u natuurlijk anders over denken. Want wat doet u? Neemt u wel of geen griepprik?

Bianka Holtermann kreeg een donornier van haar vader. Ze schrijft voor ons ledenblad Wisselwerking over de invloed van nierproblemen op haar dagelijks leven.