Uitgaan met een chronische ziekte: ja/nee*

Februari 2017

*doorstrepen wat niet gewenst is
Uitgaan is gecompliceerd voor mij. Naar een verjaardag van een vriend(in) of onverwachts een avondje naar de bioscoop, oké. Maar naar een discotheek om te dansen, terwijl die pas om 22.00 uur opengaat? Of de hele avond staan (springen) bij een concert? Hoe doe je deze dingen als je energie beperkt is?

Roekeloos? Of voorzichtig?

Je hebt de roekeloze manier. Soms heb ik het er gewoon voor over. In gezelschap leef ik op en van gesprekken met leuke mensen krijg ik energie. En op dat enthousiasme kan ik het een tijdje volhouden en negeren dat ik chronisch ziek ben. Want ik wil nog niet naar huis! Maar eenmaal thuis betaal ik de prijs. Moe van alle indrukken, kan ik niet slapen. Ook ben ik daarna zeker een paar dagen ziek.

Maar dit gaat niet altijd zo. Je hebt ook de voorzichtige manier. Tijdens mijn studie draaide alles om mijn studie. Na hoorcollege was ik vaak moe en ging ik daarom meteen naar huis. Een paar andere studenten gingen nog naar de kroeg om wat te drinken. En achteraf gezien denk ik: was ik maar eens met ze meegegaan. Doordat ik dat niet deed, maakte ik mijn situatie een beetje eenzaam. Is huiswerk nou zo veel belangrijker dan sociale contacten? Welke beslissing ik dus ook neem, ik betaal een prijs. Wat moet ik doen? Een compromis sluiten, zoals dat in de Nederlandse politiek gebruikelijk is?

Let’s go crazy and bananas!

Volgende week is er een leuk concert waar ik graag heen wil. Maar ik vraag mij af of het wel verstandig is om te gaan, omdat ik me niet zo fit voel. JA, besluit ik, maar onder de voorwaarde dat ik naar mijn lichaam luister.

De dag voor het concert doe ik daarom weinig. Omdat ik moe ben, ga ik die middag nog wel een uurtje naar bed. Daarna zoek ik de douche op om weer wakker te worden.

Eenmaal opgetut, val ik halverwege het voorprogramma binnen. Eigenlijk kun je die voorprogramma’s vaak ook nog wel overslaan, maar de zaal is bomvol vanavond en ik wil niet helemáál achteraan komen te staan. ‘Let’s go crazy, let’s go bananas,’ roept de zangeres als het concert echt begint. Een feestje, dat wordt het! Maar na bijna 2 uur genieten, neemt misselijkheid het over, ik voel de harde muziek in mijn borst bonken en ik zak door mijn benen. Duidelijk, mijn grens is bereikt. Eenmaal in de bus terug voel ik me opgewonden. Ik had een ontzettend leuke avond én ik voel dat ik niet te ver ben gegaan.

Niet iedereen (her)kent zijn of haar grens altijd even goed, ik ook niet. Een vriend(in) meenemen is dan ook een pré, naast de gezelligheid die er natuurlijk bij komt kijken. Mijn vriendin vindt het geen probleem om een beetje op me te letten en me zo nodig mee te trekken, op zoek naar een rustig plekje.

Tot in de vroege uurtjes dansen, komt er op deze manier misschien toch ook nog wel eens van.

Bianka Holtermann kreeg een donornier van haar vader. Ze schrijft voor ons ledenblad Wisselwerking over de invloed van nierproblemen op haar dagelijks leven.