Incasseren en doorrrr

In de loop der jaren heb ik moeten leren om klappen te incasseren. En ja, zelf af en toe een verbale klap uitdelen lucht op. Maar meestal probeer ik daar boven te staan.

Onze dochter is vanaf haar geboorte nierpatiënt en kreeg als pasgeborene al een dikke darm-stoma. De eerste jaren groeide ze op met wat haar onderontwikkelde nieren haar te bieden hadden. Haar darmen en de stoma protesteerden zo nu en dan.

Maar we wilden haar zo normaal mogelijk laten meedraaien in ons gezin. We gingen precies zo met haar om als met haar 2 oudere broers. Dat betekende dus gewoon naar de peuterspeelzaal, op de fiets naar school en zo snel mogelijk op zwemles, vanwege de singel voor ons huis. Peuterleidsters, onderwijzeressen en zwemdocenten dachten ijverig mee over hoe we haar samen, zonder al te veel hobbels, door haar jeugd konden loodsen. Hindernissen, zoals ziekenhuisopnamen, namen we voor lief. Ongemakken, zoals een lekkend stomazakje op de glijbaan, poetsten we zonder morren weg.

Door haar nierproblemen groeide onze dochter echter niet erg hard. Ze was een klein, dun, blond poppetje. Met een schattig snoetje dat iedereen moeiteloos voor zich won, dat wel. Naarmate de functie van haar nieren achteruitging, werd ze steeds vermoeider en leek ze bijna doorschijnend te worden.

Onze dochter kreeg als pasgeborene al een stoma

Mijn man en ik gingen door de medische molen om te kijken of we onze dochter een nier konden geven. We werden beiden geschikt bevonden. Toen ons meisje 6 was, kreeg ze een nier van haar vader.

Wat me van de periode voor de transplantatie heel erg is bijgebleven, is een kampeervakantie in Frankrijk. Onze dochter had als bonus nog 2 urinestomaatjes aan beide zijden van haar lichaam gekregen. Zo werden haar nieren ontlast.

Ze had dus maar liefst 3 stoma-uitgangen. Zoveel zakjes op dat kleine lijfje plakken: dat was bijkans onmogelijk. Luiers in een veel te grote maat brachten uitkomst. Doordat deze tot onder haar oksels kwamen, kon de urine er ongestoord in uitlopen.

Tijdens het zwemmen, hoefde ons kleine meisje geen luier om. In haar badpakje kon ze vrij bewegen. Dan werd het maar een beetje nat van iets anders dan water. Prima.

Zo speelde ze heerlijk met het meisje van haar leeftijd uit de tent naast ons. Tot de moeder van het kind erbij kwam staan: ‘Goh, ze is wel klein he?’, merkte zij op terwijl ze naar mijn kind keek. ‘Ach, als ze maar gezond zijn!’ De klap van haar opmerking heb ik maar stilzwijgend geïncasseerd.

Nierproblemen. Die vallen niet direct op, zoals een gebroken been. Een zegen, maar ook een valkuil. Diverse auteurs schrijven in elk nummer van ons ledenblad Wisselwerking een column over dit thema. Dit keer een tekst van Marja Poldermans, redacteur / fotograaf van Wisselwerking.